(243)Ida  bron:NASA

Kleine Objecten



Dwergplaneten en Kleine Planeten behoren tot de kleinste hemellichamen in het zonnestelsel. De bonte verzameling kent allerlei subgroepen zoals NEOs (Near Earth Objects) en TNOs (Trans Neptunian Objects).

Van de Kleine Planeten, ook wel asteroïden of planetoïden genoemd, was tot 26 augustus 2006 Ceres de grootste met een diameter van ca. 950 km. Hij werd als eerste Kleine Planeet ontdekt op de eerste dag van de negentiende eeuw. Dat was dus 1 januari 1801, door Giuseppe Piazzi. Intussen is Ceres gepromoveerd tot een van de kleinste Dwergplaneten, met Pluto als meest prominent lid van deze klasse.

In tegenstelling tot Planeten kunnen Dwerg-planeten niet hun baan om de zon schoonvegen van ander gruis. Maar ze zijn wel bolvormig, dit weer in tegenstelling tot de Kleine Planeten waarvan de vorm vrijwel altijd onregelmatig is.

TNOs zijn objecten die buiten de baan van Neptunus om de zon draaien. Beschrijven ze hun baan zelfs buiten die van Pluto dan worden ze ook wel Plutino’s genoemd.

NEOs kunnen de aarde zeer dicht naderen en het nogal eens voor dat ze de aarde passeren op een kortere afstand dan tot de Maan. Men noemt ze dan ook wel een PHA een Potentential Hazardous Asteroid. Tijdens de passage verplaatsen ze zich direct zichtbaar aan de hemel… een spectaculaire ervaring!

Je ziet, tal van onderwerpen waarin je je kunt verdiepen al of niet actief met een telescoop en je computer. Je bent van harte welkom om deze activiteiten met ons te delen.





Dutch Minor Planet Association ( DMPA )



De DMPA is een jonge dynamische vereniging, aangesloten als werkgroep bij de Koninklijke Nederlandse Vereniging voor Weer- en Sterrenkunde. De vereniging stelt zich o.a. ten doel:

- het verspreiden van kennis op het gebied van Dwergplaneten en Kleine Planeten, waaronder TNOs en NEOs;

- het uitvoeren van astrometrische (plaatsbepaling) waarnemingen en fotometrische (spectroscopische) waarnemingen;

- samenwerking met amateur sterrenkunde organisaties in binnen- en buitenland die raakvlakken hebben met dit activiteitenterrein, zoals waarnemingen van sterbedekkingen door Kleine Planeten;

- samenwerking met professionele sterrenkunde organisaties in binnen- en buitenland.

De vereniging geeft elke drie maanden een nieuwsbrief uit en organiseert minimaal eenmaal per jaar een bijeenkomst. Daarnaast kan de vereniging waarnemingsprogramma’s ontwikkelen, coördineren en uitvoeren.

Belangstelling?

Heb je niet de beschikking over een geschikt instrument, dan kun je misschien terecht bij een volkssterrenwacht. Maar ook zonder geschikte telescoop is er genoeg te doen.

Voor meer informatie en de actuele jaarlijkse contributie (€ 10,- in 2011) : Harrie Rutten: 077-4731347 of email Harrie Rutten .



Dit kun je allemaal doen :



Lezen en … genieten!

De activiteiten door leden zijn zeer divers. Het begint met het lezen van literatuur en het bijwonen van bijeenkomsten in binnen- en buitenland. Leuk, leerzaam en … de opmaat tot meer.

Zoek naar nieuwe objecten

Je kunt ook daadwerkelijk actief zijn, zelfs zonder telescoop. Je kunt belangrijk (wetenschappelijk) verantwoord werk doen door bijvoorbeeld in de NEAT opnamen te zoeken naar nieuwe objecten. Je zult niet de eerste zijn die zo een nieuwe Kleine Planeet ontdekt. De kans is weliswaar heel klein maar niet nul!

Sterbedekkingen

Heb je een telescoop dan zijn er heel wat meer mogelijkheden. Uiteraard kan het een uitdaging zijn om een bepaald object ook echt te vinden en de verplaatsing ten opzichte van de sterren waar te nemen. Het is zelfs vrij gemakkelijk als het relatief heldere objecten zijn (magnitude 10 of minder) en zich in de buurt van een ster bevinden. Soms trekt hij over de ster heen: een sterbedekking!

De meeste objecten zijn echter zo lichtzwak dat grotere telescopen nodig zijn om ze te kunnen zien. Als een sterbedekking door verschillende waarnemers op verschillende plaatsen wordt waargenomen kan soms het ‘silhouet’ van de Kleine Planeet nauwkeurig worden bepaald. Dat geeft informatie over de vorm, en soms zelfs over een eventueel maantje bij de Kleine Planeet!

Bij sterbedekkingen wordt nauw samengewerkt met de DOA (Dutch Occulation Association) (zie www.doa-site.nl ) en de IOTA-ES (www.ioata-es.de).

Astrometrie

Het doel van astrometrische waarnemingen is om een aantal nauwkeurige hemelposities van een object te bepalen. Dit kan door binnen enkele uren een aantal (digitale) opnamen te maken met een korte belichtingstijd zodat de afbeelding van de Kleine Planeet scherp blijft. Daarna kun je met specifieke software, bijv. astrometrica, de baan van het object berekenen.

Op de website van het Minor Planet Center in de USA kun je nagaan welk object op dat moment in het hemelgebied staat dat jij hebt waargenomen. Is er geen object bekend, neem dan de nacht daarna het object opnieuw waar. Is het bewolkt , vraag dan een collega waarnemers om dat te doen. Levert die tweede waarneming nog steeds geen passend object op, dan is er een kans dat je een ‘herontdekking’ hebt gedaan van een zoekgeraakt object of zelfs een heel nieuwe Kleine Planeet hebt gevonden! De kans is klein, maar toch…

Voor dit soort waarnemingen heb je wel een behoorlijk instrument nodig: een kijkeropening van ten minste 20 cm en een brandpuntsafstand van 160 cm of meer. De vereiste nauwkeurigheid in de hemelpositie is 1 boogseconde of beter.

Fotometrie

Bij Kleine Planeten is de zwaartekracht te gering om een mooie bolvorm te laten ontstaan. De vorm is dan ook onregelmatig en doorj onderlinge botsingen kunnen ware gedrochten ontstaan. Deze draaien ook nog eens om hun as. Vanaf de aarde zien we dan de helderheid wisselen, vaak niet meer dan fracties van een magnitude. De perioden lopen uiteen van uren tot dagen. Er zijn honderdduizenden Kleine Planeten maar van slechts een kleine 4000 is het rotatiegedrag bekend. Toch is die informatie heel belangrijk om iets over de dichtheid van het object te kunnen zeggen. Genoeg werk te doen dus!

Spectroscopie

Een bijzondere tak van fotometrische waarnemingen vormen de spectrocopische waarnemingen De helderheid wordt dan gemeten in smalle banden van het zichtbare spectrum. Bij gelijktijdige waarnemingen met een rood- en blauwfilter kun je gegevens verzamelen die informatie geven over de rots-, metaal- of ijsachtige samenstelling. Tot nu toe is slechts van enkele honderden Kleine Planeten hier iets over bekend.

Terug naar de startpagina